Box 3 in 2026 en verder: wat verandert voor zzp'ers | BTW Vriend

Door Marc Timmer, financieel specialist

Hoort bij: Inkomstenbelasting

Bijgewerkt

Jaarlijks te controleren

Inhoud4 secties
  1. 1Wat is nieuw in 2026
  2. 2De doorgeef-optie: werkelijk rendement meegeven
  3. 3Richting 2028: het stelsel werkelijk rendement
  4. 4Bronnen

Box 3 is al jaren een bewegend dossier, en 2026 brengt opnieuw aanpassingen. Voor zzp’ers met een eenmanszaak zijn drie dingen praktisch belangrijk: de hogere heffingsvrije grens, de aangepaste forfaits en de doorkijk naar het stelsel werkelijk rendement dat richting 2028 is gepland. Dit artikel vat samen wat in 2026 geldt en wat je al kunt doen om er op voorbereid te zijn.

Wat is nieuw in 2026

Drie cijfers verschoven in 2026 (bron: Wet IB 2001 art. 5.2 en 5.5). Het heffingsvrij vermogen steeg van € 57.684 naar € 59.357 per persoon (€ 118.714 voor fiscale partners samen). Het forfaitair rendement voor banktegoeden steeg van 1,37% naar 1,44%; dat is wat de Belastingdienst veronderstelt dat je op je spaargeld hebt verdiend. Het forfait voor overige bezittingen (beleggingen, een tweede woning, cryptomunten) steeg van 5,88% naar 6,00%. Het forfait voor schulden ging juist iets omlaag, van 2,62% naar 2,61%. Het tarief box 3 bleef 36%. Peildatum is net als voorheen 1 januari van het belastingjaar. Voor een zzp’er die alleen op banktegoed spaart, en net boven de grens uitkomt, scheelt de hogere heffingsvrije grens al snel een paar tientjes aan belasting; zit je zwaar in beleggingen, dan tikken de hogere forfaits mee.

De doorgeef-optie: werkelijk rendement meegeven

Nieuw sinds de Hoge Raad-uitspraken van 2024: als je werkelijke rendement aantoonbaar lager is dan het forfaitaire bedrag, kun je het via de aangifte opgeven en op dat lagere bedrag worden belast. Dit vraagt bewijs: afschriften, waarderingen per 1 januari én per 31 december, en een onderbouwing van alle mutaties. Voor zzp’ers die een deel van hun box 3-vermogen in laagrentende banktegoeden hebben, is deze route minder vaak voordelig (het forfait voor banktegoeden ligt al rond de echte rente), maar voor beleggers met een slecht jaar kan de doorgeef-optie veel schelen. Houd er rekening mee dat je dit per jaar afweegt; standaard rekent de aangifte met de forfaits.

Richting 2028: het stelsel werkelijk rendement

Het kabinet werkt aan een nieuw stelsel waarin je werkelijke rendement rechtstreeks wordt belast in plaats van een forfait. Het wetsvoorstel is nog niet aangenomen en de ingangsdatum ligt in 2028 (eerder was 2027 het streven); zie de aanbiedingsbrief Belastingplan 2027 voor de laatste stand. Voor een zzp’er betekent dat op termijn een gedetailleerder aangifte-proces: elke rente, dividend en gerealiseerde winst wordt dan afzonderlijk belast, en ongerealiseerde waardeveranderingen tellen bij beleggingen in overige bezittingen jaarlijks mee. Dat verandert ook hoe je je buffer en pensioenruimte opbouwt (zie pensioen opbouwen als zzp’er): een lijfrenterekening blijft buiten box 3, en wordt daardoor fiscaal nog interessanter zodra het werkelijk-rendement-stelsel ingaat. BTW Vriend meet je privé-spaarsaldi niet mee in het dashboard — dat is privé — maar de app helpt je wel per kwartaal te kalibreren hoeveel buffer je werkelijk nodig hebt op je zakelijke rekening. Voor achtergrond: buffer en reservering en box 3 en zakelijk of privévermogen.

Bronnen

Verwante vragen

Belastingregels veranderen. Controleer bij twijfel de Belastingdienst of vraag een fiscaal adviseur.

Was dit nuttig?